17 december 2019

mooi cadeau

Wow, wat een leuk cadeau kreeg ik voor mijn verjaardag. Een manuscriptenboek met een ouderwetse vulpen. Naast de boekjes die ik reeds heb, is dit een volledige set om langere verhalen te schrijven.
Doordat ik lang rechtstreeks op de computer heb gewerkt, is het handschrift eigenlijk al een tijd verdwenen. Niet dat ik ooit een mooi gelijnde eigenheid had, het kost me toch moeite om ten eerste een rechte lijn aan te houden in een schrift zonder lijntjes, en ten tweede om steeds leesbaar te blijven schrijven. Het ligt zeker niet aan de pen dat ik van lettervorm afwijk. Dat heeft steeds mijn zwak punt geweest. Eerst de typemachine en daarna de computer hielpen mij geweldig om duidelijk te communiceren. Leesbaar voor brieven dus. De tijd dat ik manueel nog sollicitatiebrieven moest schrijven, ligt me niet vers meer in het geheugen. De enige gedachte daarbij die ik mij kan herinneren, was zeker dat ik mijn best moest doen om een leesbare brief op te sturen. Naargelang de behoefte aan de job, maakte ik mijn brief leesbaarder.

Ik schreef in het begin dat dit een volledige set is, maar een vloeipapier zit er niet bij. Tot mijn spijt moet ik dus op papier vaststellen dat de vulpen in het boekje de nodige vlekken achterlaat. Daarom gebruiken de meeste mensen bij het manueel schrijven een balpen, denk ik. Toch heeft een mooie vulpen meer stijl. Jammer dat vloeipapier dan niet meer te krijgen is, of toch? Soms is het nodig om snel dikke inkt te deppen.

Ik weet niet in welk leerjaar ik mijn eerste vulpen kreeg. Toch ben ik zeker dat ik mijn eerste krabbels met een kroontjespen, of hoe kan je dat noemen, heb geschreven. Ganzenveren werden niet meer gebruikt, maar iedereen kan zich dit beter voorstellen. Met een scherp mes de harde kant van de slagpen aanscherpen, en zo kon je, zoals in de middeleeuwen, sierlijk schrijven. Een kroontjespen zal je nu niet meer vinden, vermoed ik. De inkt moest bijgetankt worden uit het potje dat in de lessenaar hing. De leraar kwam deze bijvullen wanneer de inkt op was. Met dit oud schrijfgerei was het nog moeilijker het blad onbevlekt te laten. Een iets te harde druk op het stalen pennetje liet de vastgehouden inkt naar beneden tuimelen, met een onoverkomelijke inktvlek tot gevolg.

De vulpen zit wel ingenieuzer in elkaar, de kwaliteit valt wel met de kostprijs samen.

Dat ik nooit een mooi handschrift heb gehad, en nog steeds niet heb, ligt ook aan het eerste ongelukje dat ik mij herinner. Net toen we in het eerste studiejaar begonnen met ‘schoonschrift’ moest mijn rechterarm in de plaaster. Bij het spelen in de tuin was ik onverhoeds tegen de vlakte gegaan. Automatisch probeerde ik mij natuurlijk tegen te houden met mijn sterkste arm, waardoor deze net boven de elleboog brak. Zes weken plaaster was het gevolg. Linkshandig schrijven werd niet aangeraden, dus leerde ik op de achterkant van het schoolbord de letters in een bepaalde vorm te gieten. Zelfs in het groot, met die verdomde plaaster, lukte het mij niet. Later bij het oefenen op het kleine blad, lukte het mij ook niet. Uiteraard duurde het een tijd dat de kinesist mijn arm soepel genoeg kreeg, waardoor ik in het begin zeer stram bleef schrijven. Zo bleven de problemen van onregelmatigheid.

Nu ook ondervind ik nog steeds het probleem dat ik de ene keer vrij leesbaar schrijf en de volgende keer moet ik een ontcijferaar ter hulp roepen om zelf te weten wat ik vroeger zou bedoeld hebben. Een grafoloog zal uit mijn verschillende handschriften wel het een en ander afleiden. Of mijn karakter zo wispelturig is, durf ik te betwijfelen.

Voor mij betekent mijn handschrift alleen of ik de tijd nam om duidelijk te zijn, of dat ik er vlug, vlug vanaf wilde zijn. Bij momenten heb ik het idee dat ik sneller op het klavier ben dan met de pen. Eén ding is zeker nog sneller, mijn gedachten. Flitsen schieten ongeordend door mijn hoofd, waardoor ik niet de tijd kan nemen om alles op een rijtje te zetten. Op computer is het wel eenvoudiger om met knip- en plakwerk een tekst te construeren die te lezen valt. En … op computer komen zo’n geweldige eenvormige tekens op het scherm. Achteraf kan zelfs de spelling gecontroleerd worden. Om een handgeschreven tekst geordend te krijgen, moet je alles volledig terug overschrijven. Mogelijk ook dat dit verschillende keren moet gebeuren. Om dit te voorkomen kan je zinnen met een letter of cijfer aanduiden. Deze vallen sneller te wijzigen. Met ook wel prettig zijn om het verhaal na redactie te lezen als 1-2-a-7-9-13-b-k-65 … . echt niet te doen, dat kan je je wel voorstellen. Daarom zoek ik het heil op dat verrot modern ding. Zo blijf ik met een handschrift dat niet voldoende geoefend wordt, waardoor weinig eenvormigheid zal ontstaan.

Alleen op vakantie zorg ik er wel voor dat ik steeds een boekje bij heb. Vakantie is tijd om te ontspannen en geeft de geest vleugels. De ideeën vliegen door de lucht en worden met het minder belaste brein opgevangen. Het moment om de creativiteit de vrije loop te laten is dan aangebroken. Natuurlijk dient deze wel ingetoomd om ze op papier gevangen te houden; en het schrijven gaat minder snel dan het denken, mar zet daardoor wel aan tot meer georganiseerde en geordende ideeën. Regelmatig kan ik dan ook na de vakantie ontdekken dat er toch weer een vruchtbare periode voorbij is. Als het dan mogelijk is om de krabbels als woorden te herkennen, worden deze, wanneer het idee goed bevonden is, op computer getypt. Het blijft noodzakelijk om daar een nieuwe redactie op uit te oefenen. Zoals ik over verschillende schrijvers las, scheren zij de boeken wel enkele keren, vooraleer die uitgegeven werden. Dit moet een onmenselijke taak geweest zijn. Leve de vooruitgang, alles tik, tik, weggeschreven.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten