Piep, de lieftallige muis is blij dat de kinderen weer veel kaas op
de tafel lieten liggen. Die lekkere gele kaas ruikt echt zoet. Dat
heeft ze heel graag.
Wanneer iedereen de
tafel verlaten heeft, kan ze lekkere stukjes op de grond vinden. Er
wordt veel gemorst en soms gooien kleine mensjes lekkere stukjes
bruusk op de grond. Zo heeft Piep altijd wel voldoende te eten.
Lusten de kindertjes
die kaas niet graag? Dat heeft ze zich al dikwijls afgevraagd. Als je
iets heel erg graag mag, dan gooi je dat toch niet op de grond.
Natuurlijk is Piep zeer blij dat ze vandaag veel keuze heeft. Er ligt
ook van die witte, pappige kaas. Die lust zij niet. Ze loopt er met
een toegeknepen neus langs.
Lang geleden besloot
ze de grote mensen te helpen de grond kaasvrij te maken. Wanneer die
witte brij echter gemorst is, raakt ze die niet aan. Ze wil de mensen
wel helpen, maar alleen met kaas die ze lekker vindt. Waarom zou ze
kaas opruimen die ze niet lust? Zo kunnen de mensen zien hoe vuil ze
de tafel hebben verlaten.
Die lichtgele kaas
waar grote gaten in zitten, vindt ze wel niet zoet genoeg. Toch zal
ze die niet laten liggen. Ze vindt het prettig in zo’n gat te
springen en dat al knabbelend groter te maken tot het volgende
gaatje, en dan nog verder tot het volgende gaatje en …
De taaie zijkant
laat ze zeer bewust liggen. Ze herinnert zich dat ze eenmaal het
korstje heeft opgegeten en erge maagpijn kreeg. Een muis leert snel.
Ze wil met een goed gevoel in haar huisje kunnen kruipen.
Lekker en zoet, daar
kan ze niet afblijven. Die platte witte laat ze liever liggen,
behalve wanneer de honger te groot is. En van die taaie zijkant weet
ze nu dat het geen kaas is en dat die ook zeer slecht is voor haar
maag.
Wanneer
de kinderen en de mensen weg zijn, heeft ze ruim de tijd om haar neus
te volgen naar de lekkerste stukken. Soms vindt ze overdreven grote
porties. Ze knabbelt die dan in lange stukken en sleept deze naar
haar holletje. Wanneer er bij de mensen geen eten te vinden is, heeft
ze zo toch voorraad.
e lang opzij houden
mag ze ook niet doen. Dat heeft ze geleerd die keer dat er vieze
grijze en zwarte vlekken verschenen op haar proviand. Toen ze een
licht muizenhapje probeerde, geraakten haar tanden nauwelijks door
dat stuk. Het leek bijna een houten lat waar ze anders graag haar
tandjes op slijpt. Dit lukte niet bij de oude kaas. De smaak was ook
zo walgelijk dat haar maag de toegang had geweigerd en met een
oprisping die viezigheid door haar keel terug buiten had geworpen. En
de muis is snel geleerd.
Ze wil haar huisje
proper houden en om die grote bedorven portie uit haar holletje te
krijgen, had ze heel hard moeten sleuren. Wanneer ze daaraan denkt,
moet ze bijna terug braken.
Geef haar maar die
lieve kindjes die voor lekkere verse stukjes zorgen.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten